Vorige week was het Hemelvaartsdag. Maar soms lijkt die hemel even ver weg. Zondag is het Pinksteren. In de kerk vieren we hoe mensen geraakt worden door Gods Geest, om juist onze wereld wat meer hemel te maken. Een hele uitdaging. Een uitdaging in twee delen.
Soms is er onnavolgbaar leed dat ons zomaar kan overvallen. Zoals het verdrietige nieuws over een ongeneeslijk zieke Freek, van Suzan & Freek. Een leven in de knop, vol belofte; je hart breekt. Het verdriet was zeker hier, in deze voor hen vertrouwde omgeving, voelbaar aanwezig. Het is een onverklaarbaar leed, dat zó onrechtvaardig aanvoelt. Het is een kant van het leven dat de vraag oproept: Waarom? Is er een antwoord?
Als intens verdriet het leven van mensen binnenkomt zijn er in de regel geen pasklare antwoorden. Dát is niet de tijd voor grote woorden. Dan past alleen stilte, nabijheid en van daaruit bidden om troost en kracht. Of (mooie actie van radiozenders) stilstaan met het lied ‘lichtje branden’. Zó is er onnavolgbaar leed in onze wereld, waar we weinig zeggenschap over hebben. Dichtbij en verder weg. Geroepen tot meeleven.
Daarnaast is er (noem het maar) ‘navolgbaar leed’. Het is leed dat wél te na te volgen is en dat vaak door mensen zelf veroorzaakt wordt. Oorlogen, hongersnood, mistoestanden, gevolgen van door mensen gemaakt beleid. Dát is ‘navolgbaar leed’. Dáár is het antwoord juist niet: stilte of zwijgen. Ook dát is een roeping. Daarover een ander keer misschien meer. Maar nu past eerst vooral stilte. De stilte van nabijheid voor mensen dichtbij en verder weg. Of een lichtje branden. Dat het tot steun mag zijn!